Naar de inhoud
Bestemming · Tenerife

Teide, de hoogste berg van Spanje en het drukste nationale park

De Teide is de hoogste berg van Spanje en de kern van een nationaal park van 18.990 hectare op Tenerife. Het Instituto Geográfico Nacional houdt 3.715 meter aan; op veel kaarten en borden staat nog 3.718 meter. Het park zelf is vrij toegankelijk en de kabelbaan brengt je tot 3.555 meter, maar voor de laatste 160 meter naar de top heb je een gratis vergunning nodig die ruim van tevoren op is.

Gepubliceerd op 5 oktober 2026Leestijd ongeveer 15 minuten
De vulkaan Teide op Tenerife, december 2025.
Foto: Kawon Kez Sel, CC0, via Wikimedia Commons.
Eiland
Tenerife, Canarische Eilanden
Hoogte
3.715 m volgens het Instituto Geográfico Nacional; 3.718 m op veel kaarten en borden
Soort vulkaan
Stratovulkaan Teide-Pico Viejo, nog altijd als actief geclassificeerd
Nationaal park
18.990 ha, ingesteld op 22 januari 1954
Werelderfgoed
Sinds 2007, op de natuurcriteria vii en viii
Laatste uitbarsting in het park
1798, aan de westflank van Pico Viejo
Laatste uitbarsting van de berg zelf
Ongeveer 1.150 jaar geleden
Bezoekers
5.242.653 in 2024, het drukste nationale park van Spanje
Kabelbaan
Van 2.356 m naar 3.555 m in ongeveer acht minuten, tussen 9:00 en 17:00 uur
Top bereikbaar
Alleen over het pad Telesforo Bravo, met een gratis vergunning via Tenerife ON
Op deze pagina

De hoogste berg van Spanje, midden op Tenerife

De Teide is een stratovulkaan in het hart van Tenerife en het hoogste punt van Spanje. Het Instituto Geográfico Nacional houdt sinds 1983 een hoogte van 3.715 meter aan, en het ministerie dat de nationale parken beheert gebruikt datzelfde cijfer. De berg staat er niet alleen voor: samen met de iets lagere Pico Viejo vormt hij het stratovulkaancomplex Teide-Pico Viejo, dat het Instituto Geológico y Minero de España (IGME) als één actieve stratovulkaan indeelt.

Om die berg heen ligt het Parque Nacional del Teide, 18.990 hectare groot en sinds 22 januari 1954 beschermd. Het park begint onderin bij de Canarische dennenbossen op ongeveer 1.600 meter en loopt door tot de top. UNESCO plaatste het gebied in 2007 op de werelderfgoedlijst, om het vulkanische landschap en om de geologie. Volgens UNESCO is de berg vanaf de oceaanbodem gemeten 7.500 meter hoog en daarmee de op twee na hoogste vulkanische structuur ter wereld.

Met 5.242.653 bezoekers in 2024 is dit het drukstbezochte nationale park van Spanje; de Sierra de Guadarrama bij Madrid kwam dat jaar als tweede uit op 2.404.566. Het bezoek is niet beperkt tot de zomer. In zijn verslag over 2024 noemt het beheersorgaan naast juli, augustus en september ook maart, april en oktober als maanden die in parken met een mild klimaat, zoals dit, nog meetellen.

Waarom je zowel 3.715 als 3.718 meter tegenkomt

Allebei de getallen staan in officiële publicaties, en het verschil komt uit de meetgeschiedenis. In april 1983 mat het Instituto Geográfico Nacional de berg met precieze hoekmetingen vanaf een pilaar die daarvoor op de top was gebouwd, en kwam uit op 3.715 meter. Die pilaar werd daarna vernield. Toen metingen met gps mogelijk werden, moest het instituut in 1994 een nieuw meetpunt maken op de westelijke kraterrand, iets onder het hoogste punt; dat punt leverde 3.707 meter op. Omdat die waarde van een helling kwam, publiceerde het instituut een bandbreedte van 3.707 tot 3.718 meter.

Op 3 december 2011 plaatsten technici van Grafcan, het cartografische overheidsbedrijf van de Canarische Eilanden, twee gps-ontvangers: één op dat meetpunt op de helling en één op het werkelijk hoogste punt. Na correctie kwam daar opnieuw 3.715 meter uit. De 3.718 meter die op souvenirs, op oudere kaarten en ook in de werelderfgoedbeschrijving van UNESCO staat, komt overeen met de bovengrens van die oude bandbreedte; een topograaf die de herkomst onderzocht, wijst de meting van 1994 aan als oorsprong van de verwarring, het instituut ontkent dat. De parkbeheerder gebruikt op zijn eigen website beide cijfers, afhankelijk van de pagina. Voor een bezoeker verandert er niets door dat verschil van drie meter: het zegt iets over de meetmethode, niet over de berg.

Las Cañadas, de ring van zestien kilometer rond de vulkaan

De Teide rijst niet op uit een vlakte maar uit een enorme komvormige laagte, Las Cañadas, met een doorsnede van ongeveer 16 kilometer en een omtrek van zo'n 45 kilometer. Aan de zuidkant is de rand van die kom nog te zien als een steile wand van honderden meters; aan de noordkant ontbreekt hij. De parkbeheerder verklaart dat met een reusachtige aardverschuiving, waarbij een deel van de oude vulkaan naar het noorden wegzakte. Bij diezelfde reeks instortingen ontstonden ook de dalen van La Orotava en Güímar, twee brede dalen aan de noord- en oostkant van het eiland.

Binnen de ring ligt het landschap dat de meeste bezoekers zich van het park herinneren: lavavelden, puimsteenvlaktes en losstaande rotsformaties. De oudste lavastromen zijn dunvloeibaar en basaltisch geweest en hebben gladde, golvende oppervlakken achtergelaten. Latere uitbarstingen leverden stroperiger lava op, met een ruw oppervlak dat moeilijk begaanbaar is, en daaruit komen ook de obsidiaan en het puimsteen die op de hoogvlakte liggen. Zo vind je gladde en ruwe lava binnen één gebied.

De meeste wandelpaden in de caldera zijn vrij toegankelijk. De parkbeheerder noemt onder meer de rondwandeling langs de Roques de García, 3,6 kilometer in ongeveer twee uur en als middelzwaar aangemerkt, Arenas Negras van 6 kilometer in drie uur, en La Fortaleza, 5,5 kilometer in iets minder dan twee uur. Vijf paden vragen wel een reservering: behalve het pad naar de top zijn dat de paden met de nummers 7, 9, 23 en 28. Die reserveer je op hetzelfde platform als de vergunning voor de top.

De Teide boven de vlakte van Las Cañadas
De Teide boven de vlakte van Las Cañadas. Bewerking van een foto van Kawon Kez Sel, CC0, via Wikimedia Commons.

De laatste uitbarsting binnen het park was in 1798

De kegel waar je bovenop staat is geologisch jong. Het Instituto Geológico y Minero de España dateert die topkegel, met de donkere lavastromen eromheen die plaatselijk Lavas Negras heten, op 1.150 jaar geleden met een marge van 140 jaar. Het ging om fonolietlava, een stroperig gesteente dat deels als obsidiaan is gestold. Dat is de laatste uitbarsting uit de top zelf geweest. De kegel meet 720 meter in doorsnede en 160 meter in hoogte, en heeft bovenin een krater van 70 meter breed en 45 meter diep.

Daarna is de vulkaan nog wel via zijn flanken actief geweest. De laatste keer binnen de parkgrenzen was in 1798, aan de westflank van Pico Viejo, bij de spleet die in de volksmond Narices del Teide heet. Die uitbarsting begon op 9 juni en eindigde op 8 september, drie maanden lang, en is daarmee de langste uit de geschreven geschiedenis van het eiland. Er kwam ongeveer twaalf miljoen kubieke meter lava uit.

De laatste uitbarsting op Tenerife als geheel lag buiten het park. Op 18 november 1909 opende zich bij Chinyero, op het grondgebied van Santiago del Teide en El Tanque in de noordwesthoek van het eiland waar ook Los Gigantes ligt, een spleet die tien dagen actief bleef. Dat maakt het een van de kortste historische uitbarstingen van de Canarische Eilanden, en een van de best beschreven, want ooggetuigen legden hun waarnemingen vast. Het IGME classificeert Teide-Pico Viejo nog steeds als een actieve stratovulkaan. Actief betekent in de geologie dat een vulkaan opnieuw kan uitbarsten, niet dat er nu onrust is.

Zwarte lava en lichte puimsteen
Zwarte lava en lichte puimsteen.

Met de kabelbaan van 2.356 naar 3.555 meter

Het dalstation van de kabelbaan ligt op 2.356 meter. De rit naar het bovenstation La Rambleta, op 3.555 meter, duurt ongeveer acht minuten en overbrugt bijna twaalfhonderd hoogtemeters. De kabelbaan rijdt tussen 9:00 en 17:00 uur. De exploitant verkoopt de kaartjes alleen online en het aantal plaatsen per vertrek is beperkt, dus boeken op de dag zelf lukt in de praktijk niet altijd.

Het bovenstation ligt 160 meter onder de top, en dat laatste stuk is geen formaliteit. Het pad Telesforo Bravo is volgens de parkbeheerder de enige route naar de top, en je mag er uitsluitend op met een vergunning. Wie zonder vergunning met de kabelbaan omhoog gaat, blijft dus op het niveau van La Rambleta, met uitzicht over de caldera en over de wolkenlaag die daar vaak onder ligt.

Houd er rekening mee dat de vergunning en de kabelbaan twee losse dingen zijn. De vergunning geldt voor de dag en het tijdvak die erop staan, ook wanneer de kabelbaan die dag niet rijdt. Wie van plan is met de kabelbaan af te dalen, doet er daarom goed aan de laatste afvaart na te kijken voordat hij aan de klim begint.

De laatste 160 meter mag alleen met een vergunning

Het pad tussen La Rambleta en de top heet Telesforo Bravo, naar de Canarische geoloog. Het is 690 meter lang, stijgt 160 meter en staat bij de parkbeheerder als zwaar te boek; voor de klim omhoog wordt ongeveer drie kwartier gerekend. De gemiddelde helling is ruim 25 procent, over losse vulkanische ondergrond.

De vergunning is gratis en loopt via Tenerife ON, het reserveringsplatform van het Cabildo de Tenerife. Elke maandag om 7:00 uur Canarische tijd komt er een week bij, zodat er steeds 56 dagen vooruit geboekt kan worden. Een particuliere aanvrager mag negen medewandelaars op dezelfde aanvraag zetten, maar krijgt niet meer dan één tijdvak op dezelfde dag en niet meer dan één vergunning per zeven dagen. Voor erkende gidsen met een vermelding in het register van het park gelden die twee beperkingen niet.

De dag is verdeeld in zes tijdvakken met elk een eigen quotum van vijftig personen, samen driehonderd plaatsen per dag. Twee daarvan zijn bedoeld voor het licht: het vroege tijdvak van 6:00 tot 9:00 uur om de zon vanaf de top te zien opkomen, en dat van 18:00 tot 22:00 uur om hem te zien ondergaan. De vier tijdvakken daartussen van elk twee uur vallen samen met de bedrijfstijd van de kabelbaan.

Wie een plaats heeft, moet de vergunning op papier of op de telefoon kunnen tonen, samen met een identiteitsbewijs van iedereen die erop staat. Na afloop van het tijdvak moet je het pad verlaten. Kinderen onder de drie jaar mogen er niet op en wie jonger is dan zestien moet een volwassene bij zich hebben. Wie een plaats reserveert en zonder geldige reden niet komt opdagen, kan drie maanden lang geen nieuwe aanvraag indienen; de reden daarvoor is de grote vraag naar de schaarse plaatsen.

Het park waarschuwt uitdrukkelijk dat dit hooggebergte is. Het pad is niet geschikt voor mensen met hart-, long- of mobiliteitsklachten, en evenmin voor wie geen ervaring in de bergen heeft: er zijn steile stukken, losse ondergrond en plekken met valgevaar. Snelle temperatuurwisselingen in combinatie met de lagere zuurstofdruk kunnen vermoeidheid, duizeligheid en misselijkheid geven. Bij ijs, sneeuw of ander weer waarbij de veiligheid niet te garanderen is, sluit het park het pad, ook voor wie al een reservering heeft. Is het weer daarna weer stabiel terwijl er nog ijs of sneeuw ligt, dan bestaat er een aparte reservering voor mensen met alpinisme-ervaring, die bij de aanvraag verklaren dat ze de opleiding, de uitrusting en de verzekering daarvoor hebben.

De zonsopgang gaat grotendeels naar de berghut

Van de vijftig plaatsen in het tijdvak van 6:00 tot 9:00 uur is maximaal 80 procent gereserveerd voor mensen die in de berghut Altavista hebben overnacht. Voor alle overige aanvragers blijven er in dat tijdvak dus minstens tien plaatsen over.

Plaatsen per tijdvak op het pad Telesforo Bravo naar de top
Tijdvak Plaatsen voor bezoekers Plaatsen voor gidsen
6:00 tot 9:00 uur 50 geen
9:00 tot 11:00 uur 20 30
11:00 tot 13:00 uur 50 geen
13:00 tot 15:00 uur 40 10
15:00 tot 17:00 uur 50 geen
18:00 tot 22:00 uur 50 geen

Bron: Cabildo de Tenerife, toegangsregels voor het pad Telesforo Bravo, oktober 2025

Vier bergwegen en drie buslijnen naar de hoogvlakte

Het park ligt midden op het eiland en is over vier wegen te bereiken, die alle vier stevig klimmen. Vanuit het noorden loopt de TF-21 in 31 kilometer van La Orotava naar El Portillo. Vanuit het oosten volgt de TF-24 de bergkam vanaf La Laguna via La Esperanza naar datzelfde punt, over 30 kilometer. Vanuit het zuiden klimt de TF-21 vanaf Granadilla de Abona via Vilaflor in 57,5 kilometer naar Boca de Tauce. Vanuit het westen doet de TF-38 dat in 8,3 kilometer vanaf Chío.

Met het openbaar vervoer rijden drie lijnen van vervoerder TITSA het park in. Lijn 348 komt vanaf Puerto de la Cruz via La Orotava en El Portillo bij het Parador uit. Lijn 342 doet hetzelfde vanaf de zuidkust, via Costa Adeje, Los Cristianos, Arona en Vilaflor. Lijn 341 is een plaatselijke verbinding tussen het Parador en El Portillo. De parkbeheerder raadt aan de vertrektijden en haltes vooraf na te kijken.

Binnen de parkgrenzen is de overnachtingsmogelijkheid klein: het Parador midden in het park, waar de buslijnen eindigen, en hoger op de berg de berghut Altavista. Verblijf je aan de kust, dan is het park een dagtocht. Vanuit Playa de las Américas en de andere zuidelijke badplaatsen gaat dat over Vilaflor, vanuit Santa Cruz de Tenerife over de bergkamweg. Het park kent twee bezoekerscentra: El Portillo aan de noordoostkant, open van 9:00 tot 16:15 uur, en Cañada Blanca in het zuidwesten, open van 9:00 tot 16:00 uur. Beide zijn op 25 december, 1 januari en 6 januari gesloten.

Boven de wolkenzee: het weer op de hoogvlakte

Het weer op de hoogvlakte verschilt sterk van dat aan de kust. AEMET heeft bij Izaña, op 2.369 meter, een station dat normaal gesproken boven de temperatuurinversie uitkomt die zich over het eiland vormt. Onder die inversie ligt de wolkenlaag die je vanaf de hoogvlakte als een witte zee onder je ziet; UNESCO noemt die wolkenzee als onderdeel van het landschapsbeeld. Het observatorium dat AEMET daar beheert, meet vanwege die ligging in lucht die vrij is van lokale vervuiling.

De maandcijfers laten zien hoe droog dat is. In juni en juli registreert het station gemiddeld geen meetbare neerslag, terwijl er van november tot en met februari samen 228 millimeter valt, ruim de helft van het jaar. AEMET geeft als jaartotaal 392 millimeter; de maandwaarden in de tabel tellen op tot 366. De temperaturen liggen er het hele jaar lager dan aan de kust: in juli is de gemiddelde maximumtemperatuur 23,0 °C en de gemiddelde minimumtemperatuur 14,0 °C, in januari respectievelijk 7,5 en 1,1 °C. Met gemiddeld 2,4 dagen sneeuw in januari en 2,5 in februari zijn vorst en sneeuw in de winter op deze hoogte geen uitzondering.

Deze waarden gelden voor het meetstation, niet voor de top ruim 1.300 meter hoger. Het zijn bovendien maandgemiddelden over de periode 1981 tot 2010, geen verwachting voor een losse bezoekdag. De parkregels waarschuwen voor snelle temperatuurwisselingen op het pad naar de top, dus neem ook in de zomer een extra laag kleding mee als je omhoog gaat. Voor het weer aan de kust, waar de meeste bezoekers slapen, staan de cijfers per maand op de pagina over het weer en klimaat op Tenerife.

Maandgemiddelden op het AEMET-station Izaña (2.369 meter), periode 1981 tot 2010
Maand Gemiddelde maximumtemperatuur (°C) Gemiddelde minimumtemperatuur (°C) Neerslag (mm) Dagen met sneeuw
Januari 7,5 1,1 47 2,4
Februari 8,0 1,3 67 2,5
Maart 10,2 2,7 58 2,1
April 11,8 3,5 18 0,6
Mei 14,5 5,8 7 0,2
Juni 18,9 9,9 0 0,0
Juli 23,0 14,0 0 0,0
Augustus 22,6 13,8 5 0,0
September 18,6 10,4 13 0,0
Oktober 14,3 6,9 37 0,2
November 11,1 4,5 54 0,6
December 8,8 2,4 60 1,6

Bron: AEMET, klimaatwaarden van het station Izaña

Een wolkenzee onder de berghelling
Een wolkenzee onder de berghelling.

Veertien plantensoorten die alleen in dit park groeien

De begroeiing boven de boomgrens is schraal maar bijzonder soortenrijk aan endemen. Van de ongeveer tweehonderd soorten vaatplanten die in het park zijn geteld, komen er zestig alleen op de Canarische Eilanden voor, vijfendertig alleen op Tenerife en veertien alleen binnen dit park. Die concentratie heeft met isolatie en hoogte te maken: planten die zich hier hebben aangepast aan droogte, sterke zonnestraling en nachtvorst, vinden elders op het eiland geen vergelijkbare omstandigheden.

De struik die het beeld van de hoogvlakte bepaalt is de retama del Teide (Spartocytisus supranubius), een bremachtige met witte, sterk geurende bloemen. Daartussen staat de geelbloeiende codeso de cumbre (Adenocarpus viscosus). Het meest gefotografeerd wordt de tajinaste rojo (Echium wildpretii), die in mei en juni een rode bloeiaar vormt die ver boven de struiken uitsteekt. Het symbool van het park is kleiner en onopvallender: het Teideviooltje (Viola cheiranthifolia), dat tussen 2.400 en 3.600 meter bloeit en nergens anders ter wereld voorkomt. Het werd al in 1724 beschreven, door de Franse botanicus Feuillée.

Onder de gewervelde dieren is de Canarische hagedis het reptiel dat je het vaakst ziet, leeft de gekko er met nachtelijke gewoonten en geldt de blauwe vink als een van de symbolen van het park. Twee soorten zijn door de mens ingevoerd en vormen een probleem voor de inheemse planten: het konijn en de moeflon. Voor het konijn voert het park een eigen bestrijdingscampagne.

Rode tajinastes op de vulkanische hoogvlakte
Rode tajinastes op de vulkanische hoogvlakte.

Donkere nachten en de telescopen bij Izaña

Het park draagt sinds 2013 een Starlight-certificering, als toeristische bestemming en als reservaat. Dat keurmerk is bedoeld voor gebieden met een heldere nachtelijke hemel.

Aan de oostkant, bij Izaña op 2.390 meter, staat het Observatorio del Teide van het Instituto de Astrofísica de Canarias. De eerste telescoop werd er in 1964 neergezet door de universiteit van Bordeaux, voor onderzoek naar zodiakaal licht. In 1979 werd daar pionierswerk verricht in de helioseismologie, de methode waarmee astronomen uit trillingen aan het zonneoppervlak afleiden hoe de zon vanbinnen is opgebouwd. Volgens het instituut staan er enkele van de beste Europese zonnetelescopen, waaronder de GREGOR met een spiegel van 1,5 meter, en hier werd de bruine dwerg Teide 1 ontdekt.

Het late tijdvak op het pad naar de top loopt tot 22:00 uur, zodat je na zonsondergang nog boven bent. Kamperen mag alleen in de aangewezen bivakzones, en daarvoor geldt hetzelfde reserveringssysteem als voor de paden: hoogstens 56 dagen van tevoren, met elke maandagochtend een nieuwe week.

Een heldere sterrenhemel boven lavavelden
Een heldere sterrenhemel boven lavavelden.

Echeyde, en hoe de berg beschermd gebied werd

Voor de Guanchen, de bevolking van Tenerife van vóór de Castiliaanse verovering, heette de berg Echeyde. In de overlevering die de parkbeheerder weergeeft, was dat de woonplaats van Guayota, een kwaadaardige figuur die de zonnegod Magec in de berg gevangen hield. Achamán, het oppermachtige wezen, versloeg Guayota en sloot de opening af met de kegel die sindsdien Pan de Azúcar heet, suikerbrood. Dat is dezelfde kegel die het IGME op ongeveer 1.150 jaar dateert, en die je vanaf La Rambleta voor je ziet.

Vanaf de achttiende eeuw werd de berg een plek voor onderzoek. Alexander von Humboldt deed Tenerife in juni 1799 aan en bestudeerde de begroeiing op de hellingen. UNESCO noemt in de motivering van de werelderfgoedstatus het werk van Von Humboldt, Leopold von Buch en Charles Lyell als de reden waarom deze berg een vaste plaats heeft in de geschiedenis van de vulkanologie: hun beschrijvingen vormden mede het denken over hoe vulkaaneilanden ontstaan.

Het nationale park is op 22 januari 1954 ingesteld en is volgens het ministerie het oudste nationale park van de Canarische Eilanden. Op 25 maart 1981 werd het opnieuw ingedeeld en op 23 november 1999 uitgebreid; inmiddels ligt er een beschermingszone van ruim 7.370 hectare omheen. De Raad van Europa kende het park een Europees Diploma voor beschermde gebieden toe dat sinds 1989 telkens is verlengd, voor het laatst in 2019, en in 2007 volgde de plaatsing op de werelderfgoedlijst.

Veelgestelde vragen

Kun je ook zonder de kabelbaan naar de top lopen?

Dat kan, maar het vraagt een tweede toestemming. Wie vanaf de voet van de berg omhoog loopt naar La Rambleta, bijvoorbeeld over de route langs Montaña Blanca, heeft naast de vergunning voor het pad Telesforo Bravo ook een aparte autorisatie nodig voor dat lagere deel. Allebei worden ze via Tenerife ON aangevraagd. Een veelgebruikte variant is overnachten in de berghut Altavista en in het vroege tijdvak doorklimmen naar de top.

Hoe ver van tevoren is de vergunning aan te vragen?

Tot 56 dagen vooruit. Elke maandag om 7:00 uur Canarische tijd komt er een nieuwe week vrij, waardoor het boekingsvenster meeschuift. Een particuliere aanvrager mag negen anderen op dezelfde aanvraag zetten, maar krijgt hoogstens één tijdvak op een dag en één vergunning per zeven dagen. Voor professionele gidsen die in het register van het park staan, gelden die twee grenzen niet; zij kunnen meerdere tijdvakken op dezelfde dag aanvragen.

Is de Teide nog een actieve vulkaan?

Het Instituto Geológico y Minero de España classificeert Teide-Pico Viejo als een actieve stratovulkaan. In de geologie betekent actief dat een vulkaan opnieuw kan uitbarsten, niet dat er op dit moment onrust is. De laatste uitbarsting uit de top zelf was ongeveer 1.150 jaar geleden, de laatste binnen de parkgrenzen in 1798 aan de flank van Pico Viejo, en de laatste op het eiland in 1909 bij Chinyero, tien dagen lang.

Wat is in het nationale park verboden?

Kamperen buiten de aangewezen bivakzones, vuur maken, met een drone vliegen en buiten de paden lopen. Op het pad naar de top mogen geen huisdieren mee, blindengeleidehonden uitgezonderd. De krater op de top is als reservaatzone aangewezen, dus eromheen lopen of erin afdalen is niet toegestaan. Parkpersoneel mag je vergunning en identiteitsbewijs opvragen; klopt de identiteit niet, dan vervalt de vergunning.

Bronnen

Verder lezen

Verwante onderwerpen

Bestemming · Tenerife

Playa de las Américas

Grote, aangelegde badplaats in zuidwest-Tenerife die over twee gemeenten loopt, met brede stranden en veel vaste inwoners.

Bestemming · Tenerife

Los Cristianos

Havenplaats en badplaats in Arona met veerboten naar drie eilanden, twee stadsstranden en vooral inwoners met een andere dan de Spaanse nationaliteit.

Bestemming · Tenerife

Costa Adeje

Hotelkust in het zuidwesten van Tenerife met stedelijke stranden, vooral vier- en vijfsterrenhotels en bijna de helft Britse gasten.

Bestemming · Canarische Eilanden

Tenerife

Het grootste Canarische eiland, met de hoogste berg van Spanje: gebieden, weer per kant, luchthavens, veerboten en beschermde natuur.