Op deze pagina
Twee archipels in twee verschillende zeeën
Spanje heeft twee eilandengroepen, en ze liggen in verschillende zeeën. De Balearen liggen in de Middellandse Zee voor de kust van Valencia en Catalonië; Ibiza ligt met ongeveer 75 kilometer het dichtst bij het vasteland. De Canarische Eilanden liggen in de Atlantische Oceaan. Fuerteventura ligt ongeveer 95 kilometer van de kust van Afrika, en het Iberisch schiereiland is ruim negenhonderd kilometer verderop. Die ligging verklaart het grootste deel van wat hierna volgt: het klimaat, het landschap, de reistijd en de klok. Binnen het bestemmingenoverzicht van De Spaanse Wiki vormen de eilanden daarom een eigen tak, los van de kusten en de steden.
Toeristisch wegen de eilanden zwaar. Van de 93,8 miljoen buitenlandse toeristen die Spanje in 2024 ontving, ging 16,3 procent naar de Balearen en 16,2 procent naar de Canarische Eilanden, samen ongeveer een derde van het totaal. Er wonen ongeveer 3,5 miljoen mensen: bijna 1,25 miljoen op de Balearen en ruim 2,25 miljoen op de Canarische Eilanden, beide geteld op 1 januari 2025. Waar de twee groepen ten opzichte van het vasteland liggen, zie je op de kaart van Spanje.
Vier bewoonde eilanden op de Balearen, in twee groepen
De Balearen tellen vier grote bewoonde eilanden: Mallorca, Menorca, Ibiza en Formentera. Mallorca is met ongeveer 3.640 vierkante kilometer veruit het grootste en telt ongeveer 971.000 van de bijna 1,25 miljoen inwoners van de archipel. Op Formentera, het kleinste, wonen er minder dan twaalfduizend.
De archipel valt in twee groepen uiteen. De Gimnesias zijn Mallorca, Menorca en Cabrera; de Pitiusas, in het Nederlands de Pijnboomeilanden, zijn Ibiza en Formentera, die dichter bij elkaar en dichter bij het vasteland liggen. Cabrera is sinds 1991 nationaal park. Het park beslaat ruim 90.000 hectare, waarvan nog geen 1.400 hectare land.
Acht Canarische eilanden, waarvan één sinds 2018
De Canarische Eilanden werden lang als zeven geteld: Tenerife, Fuerteventura, Gran Canaria, Lanzarote, La Palma, La Gomera en El Hierro. Op 26 juni 2018 erkende de Spaanse Senaat La Graciosa als het achtste eiland; tot dan gold het als islote, een eilandje. Het blijft bestuurlijk onderdeel van de gemeente Teguise op Lanzarote en heeft ongeveer 750 inwoners op zo'n 29 vierkante kilometer.
Tenerife is met 2.034 vierkante kilometer het grootste eiland van de archipel, gevolgd door Fuerteventura (1.660) en Gran Canaria (1.560). De volgorde naar oppervlakte verschilt van die naar inwonertal: op Tenerife wonen ruim 966.000 mensen en op Gran Canaria ongeveer 876.000, terwijl Fuerteventura er ongeveer 129.000 telt, bijna zeven keer minder dan Gran Canaria. De archipel valt in twee provincies uiteen: Las Palmas met Gran Canaria, Lanzarote en Fuerteventura, en Santa Cruz de Tenerife met Tenerife, La Palma, La Gomera en El Hierro.
Kalksteen in de Middellandse Zee, vulkanen in de Atlantische Oceaan
De Balearen bestaan grotendeels uit kalksteen, en dat levert grotten, kloven en steile kustranden op. De Serra de Tramuntana loopt langs de noordwestkant van Mallorca, met de Puig Major van 1.445 meter als hoogste punt van de archipel. Unesco plaatste de Tramuntana in 2011 op de werelderfgoedlijst, en wel als cultuurlandschap: de bescherming gaat over wat mensen van dit gebergte hebben gemaakt, niet alleen over de natuur.
De Canarische Eilanden zijn vulkanisch. Ze rijzen op uit een zeebodem op ongeveer 3.000 meter diepte, en van Tenerife steekt maar 8,4 procent van het hele eilandgebouw boven zee uit. Hoe de archipel is ontstaan, is nog altijd onderwerp van discussie. De twee verklaringen die nu de meeste steun hebben, gaan allebei uit van magma dat bij de Afrikaanse kust omhoogkomt: via een hotspot, een kolom heet materiaal uit de diepte, of via de verlenging van de Atlantis-transformbreuk. Dat het vulkanisme doorgaat, staat vast: op vier eilanden, Tenerife, El Hierro, La Palma en Lanzarote, hebben in historische tijd uitbarstingen plaatsgevonden.
Het hoogste punt van beide archipels staat op Tenerife: de Teide, 3.715 meter boven zeeniveau. Het is de hoogste berg van Spanje en van alle archipels in de Atlantische Oceaan. Het nationaal park eromheen bestaat sinds 1954, staat sinds 2007 op de werelderfgoedlijst en kreeg in 2024 ruim 5,2 miljoen bezoekers, meer dan enig ander Spaans nationaal park. Zes van de zestien Spaanse nationale parken liggen op eilanden, vier daarvan op de Canarische Eilanden; wat elk park beschermt staat bij de nationale parken van Spanje.
De uitbarstingen van 1730 en van 2021
Op 1 september 1730 begon op Lanzarote een reeks uitbarstingen die tot april 1736 duurde. Ze troffen ongeveer een kwart van het eiland, zo'n 174 vierkante kilometer. Een deel daarvan is sinds 1974 nationaal park Timanfaya: ruim 51 vierkante kilometer waar je met de parkbus doorheen rijdt en waar je alleen met een erkende gids en vooraf verleende toestemming mag lopen. In een boorgat van dertien meter diep is er 610 °C gemeten, bijna drie eeuwen na de uitbarstingen.
De laatste uitbarsting tot nu toe is van deze eeuw. Op La Palma begon op 19 september 2021 een uitbarsting op de rug van Cumbre Vieja die 85 dagen duurde, tot 13 december. Ongeveer drieduizend gebouwen verdwenen onder de lava en ongeveer zevenduizend mensen moesten hun huis verlaten. Waar de lavastroom de zee bereikte, ontstond nieuw land.
Hoe warm en hoe nat is het op de eilanden?
De Balearen hebben een mediterraan klimaat, met warme, droge zomers en een natte herfst en winter. De Canarische Eilanden liggen ruim tien breedtegraden zuidelijker, en daar verschilt de temperatuur het hele jaar weinig. De tabel zet vier meetstations van de Spaanse weerdienst AEMET naast elkaar, met de gemiddelde maximumtemperatuur in januari en augustus en de gemiddelde jaarneerslag.
In januari is het overdag op Gran Canaria gemiddeld 20,8 °C, ruim vijf graden warmer dan op Mallorca (15,2 °C). In augustus is het andersom: 27,5 °C op Gran Canaria tegen 31,3 °C op Mallorca. Het verschil tussen de koudste en de warmste van deze twee maanden is op het Canarische station nog geen zeven graden, op het Mallorcaanse ruim zestien. De Balearen hebben daarom een uitgesproken zomerseizoen, terwijl de temperatuur op de Canarische Eilanden het hele jaar dicht bij elkaar blijft.
Het beheer van nationaal park Teide noemt voor die gelijkmatigheid twee oorzaken. De Canarische Stroom voert koud water langs de Afrikaanse kust, en dat verzacht de temperatuur en vooral de verschillen tussen de seizoenen. De passaat, een noordoostenwind die de Azorenhoogte opwekt, waait vooral in de zomer vrijwel constant en wordt in de winter zwakker, omdat die hogedrukzone dan dichter bij de eilanden ligt.
De neerslagkolom vraagt om uitleg, want 151 millimeter op Gran Canaria naast 520 millimeter op Tenerife lijkt tegenstrijdig. De passaat neemt vocht van de zee mee en vormt, wanneer hij tegen de noordhellingen van de hoge eilanden opstijgt, tussen ongeveer 800 en 1.600 meter een wolkenlaag, de mar de nubes. Het station op Gran Canaria ligt op 24 meter aan de oostkant van het eiland, ver onder die laag, en telt gemiddeld ongeveer drie dagen per jaar met mist. Het station Tenerife Noord ligt op 632 meter aan de noordkant, dichter bij de wolkenlaag, en telt er ongeveer 78.
Dit zijn gemiddelden over dertig jaar, geen verwachting voor een losse reisdag. Elk station vertegenwoordigt zijn eigen omgeving: op de Canarische Eilanden lopen hoogte en windrichting zo sterk uiteen dat twee plekken op hetzelfde eiland flink kunnen verschillen.
| Meetstation | Gemiddelde maximumtemperatuur in januari | Gemiddelde maximumtemperatuur in augustus | Neerslag per jaar |
|---|---|---|---|
| Palma de Mallorca, luchthaven (5 m) | 15,2 °C | 31,3 °C | 411 mm |
| Ibiza, luchthaven (6 m) | 15,7 °C | 30,3 °C | 413 mm |
| Gran Canaria, luchthaven (24 m) | 20,8 °C | 27,5 °C | 151 mm |
| Tenerife Noord, luchthaven (632 m) | 16,0 °C | 25,7 °C | 520 mm |
Bron: AEMET, maandelijkse klimaatcijfers per meetstation, periode 1981 tot 2010
Het nevelwoud op de noordhellingen
Waar de wolkenlaag blijft hangen, groeit laurisilva: een altijdgroen nevelwoud dat in Europa miljoenen jaren geleden is verdwenen en op de Canarische Eilanden nog bestaat. Het best bewaarde deel is nationaal park Garajonay op La Gomera, ingesteld in 1981 en sinds 1986 werelderfgoed. Het park omvat meer dan de helft van het volgroeide laurisilva van de archipel. De nevel die tegen de toppen blijft hangen houdt het bos vochtig, in een streek die verder droog is.
De maandcijfers per eiland, met de verdeling over het jaar, staan bij het weer en klimaat op de Canarische Eilanden.
De twaalf bewoonde eilanden naast elkaar
De eilanden verschillen vooral in oppervlakte, reliëf en wat er aan land te zien is. De tabel zet ze op volgorde van archipel en grootte.
| Eiland | Archipel | Oppervlakte | Landschap en bijzonderheden |
|---|---|---|---|
| Mallorca | Balearen | 3.640 km² | De kalkstenen Serra de Tramuntana, sinds 2011 werelderfgoed als cultuurlandschap |
| Menorca | Balearen | 697 km² | De talayotische monumenten staan sinds 2023 op de werelderfgoedlijst |
| Ibiza | Balearen | 571 km² | De versterkte bovenstad Dalt Vila, onderdeel van het werelderfgoed Ibiza, sinds 1999 |
| Formentera | Balearen | 83 km² | Het kleinste bewoonde Baleaarse eiland, met minder dan twaalfduizend inwoners |
| Tenerife | Canarische Eilanden | 2.034 km² | De Teide van 3.715 m en een wolkenlaag aan de noordkant |
| Fuerteventura | Canarische Eilanden | 1.660 km² | Het eiland dat het dichtst bij Afrika ligt, ongeveer 95 km van de kust |
| Gran Canaria | Canarische Eilanden | 1.560 km² | De hoogste bevolkingsdichtheid van de archipel, ongeveer 561 inwoners per km² |
| Lanzarote | Canarische Eilanden | 846 km² | Lavavelden van 1730 tot 1736, nu nationaal park Timanfaya |
| La Palma | Canarische Eilanden | 708 km² | Nationaal park Caldera de Taburiente en de uitbarsting van 2021 |
| La Gomera | Canarische Eilanden | 370 km² | Laurierwoud in nationaal park Garajonay, sinds 1986 werelderfgoed |
| El Hierro | Canarische Eilanden | 269 km² | Het kleinste van de zeven grote Canarische eilanden; Mar de las Calmas is voorgesteld als nationaal park |
| La Graciosa | Canarische Eilanden | 29 km² | Sinds 2018 erkend als achtste bewoonde eiland; hoort bij de gemeente Teguise |
Wat de keuze tussen beide archipels bepaalt
Het seizoen weegt het zwaarst. In januari is het overdag op Gran Canaria gemiddeld 20,8 °C tegen 15,2 °C op Mallorca; in augustus is het andersom, met 31,3 °C op Mallorca en 27,5 °C op Gran Canaria. Wie in de zomer hitte wil vermijden, zit dus op de Canarische Eilanden koeler. Op de Balearen valt de regen vooral in de herfst: in Palma gemiddeld 62 millimeter in oktober tegen 5 millimeter in juli.
Binnen een archipel gaat het vooral om schaal en landschap. Mallorca en Tenerife zijn met 3.640 en 2.034 vierkante kilometer groot genoeg voor een rondreis langs bergen, dorpen en een stad. Formentera (83 km²) en La Graciosa (29 km²) zijn daarvoor te klein; daar kies je één plek en blijf je. Ertussenin liggen eilanden als Menorca en La Palma, die je vanuit twee of drie verblijfplaatsen helemaal kunt zien.
Vanaf de Balearen ligt het vasteland dichtbij: Ibiza ligt ongeveer 75 kilometer van de Valenciaanse kust, terwijl de Canarische Eilanden ruim negenhonderd kilometer van het Iberisch schiereiland liggen. Een eilandverblijf laat zich daar daarom makkelijker combineren met een bezoek aan een Spaanse stad. Twijfel je tussen een eiland en het vasteland, leg de eilanden dan naast de Spaanse kusten, die je met de auto of de trein bereikt.
Ook de kust verschilt: op de Balearen bestaat het gesteente grotendeels uit kalksteen, op de Canarische Eilanden uit vulkanisch gesteente. Een selectie van stranden over het hele land staat bij de mooiste stranden van Spanje.
Spaanse eilanden buiten de twee archipels
Niet elk Spaans eiland hoort bij een van beide archipels. In de riás van Galicië, aan de noordwestkant van het Spaanse vasteland, ligt sinds 1 juli 2002 nationaal park Islas Atlánticas de Galicia: de eilandgroepen Cíes, Ons, Sálvora en Cortegada, samen ongeveer 1.200 hectare land en 7.300 hectare zee. Voor de Cíes en Ons vraag je in het hoogseizoen, rond Pasen en van 15 mei tot en met 15 september, vooraf toestemming aan bij de Galicische overheid en koop je daarna pas het bootkaartje; het aantal bezoekers per dag is begrensd. Buiten dat seizoen mogen alleen groepen met een erkende gids naar de Cíes. De boten naar de Cíes vertrekken vanuit Vigo, Cangas en Baiona.
Voor de oostkust ligt Tabarca, ruim twintig kilometer van de haven van Alicante. Het eiland is bijna twee kilometer lang en ongeveer 400 meter breed, en een van de kleinste bewoonde eilanden van Spanje. Het water eromheen werd in 1986 het eerste zeereservaat van het land. Ten zuiden van Mallorca beschermt nationaal park Archipiélago de Cabrera sinds 1991 een eilandengroep met het omringende zeegebied, en voor El Hierro staat Mar de las Calmas bij het ministerie van Ecologische Transitie als voorgesteld nationaal park.
Wat op de eilanden anders geregeld is dan op het vasteland
Op de Balearen heeft elk van de vier grote eilanden een eigen eilandbestuur, een consell insular. Op de Canarische Eilanden heeft elk van de zeven grote eilanden een cabildo insular; La Graciosa heeft geen eigen cabildo, omdat het bij de gemeente Teguise op Lanzarote hoort. Zo'n bestuur ligt tussen de gemeente en de regio en beheert onder meer wegen, natuurbescherming en toerisme. Regels kunnen daardoor per eiland verschillen, ook binnen dezelfde archipel.
De Canarische Eilanden houden ook een andere klok aan dan de rest van Spanje. Sinds 1922 loopt de klok daar een uur achter op het vasteland. Op 16 maart 1940 ging heel Spanje een uur vooruit: het vasteland en de Balearen kwamen daarmee op Midden-Europese tijd, dezelfde klok als Nederland, en het verschil met de Canarische Eilanden bleef een uur. In de zomer gaan beide klokken een uur vooruit, zodat het verschil het hele jaar blijft bestaan.
Er geldt op de Canarische Eilanden bovendien een ander belastingstelsel. In plaats van de Spaanse btw, die op het vasteland en de Balearen een algemeen tarief van 21 procent heeft, geldt daar het IGIC, de Canarische algemene indirecte belasting, met een algemeen tarief van 7 procent. Het verschil is zichtbaar op bonnen en facturen; of de eindprijzen daardoor lager uitvallen, hangt van de ondernemer af.
Catalaans op de Balearen, een gefloten taal op La Gomera
Op de Balearen zijn Spaans en Catalaans allebei officieel. In het dagelijks gebruik heet de lokale variant mallorquí, menorquí, eivissenc of formenterenc; dat zijn dialecten van het Catalaans en geen aparte talen. Op de Canarische Eilanden is Spaans de enige officiële taal.
La Gomera heeft daarnaast een eigen manier van communiceren die Unesco in 2009 op de lijst van immaterieel erfgoed zette: het silbo gomero, een gefloten weergave van het Spaans. Twee verschillende fluittonen vervangen de vijf klinkers en vier fluittonen staan voor medeklinkers. Op de scholen van het eiland wordt het sinds 1999 onderwezen.