Op deze pagina
Zes gemeenten boven een half miljoen inwoners
Madrid is met 3.506.730 inwoners op 1 januari 2025 veruit de grootste gemeente van Spanje, en Barcelona volgt met 1.731.649. Daarna worden de verschillen kleiner: Valencia telt 840.792 inwoners, Zaragoza 693.091, Sevilla 689.423 en Málaga 599.063. Murcia komt met 479.405 net onder het half miljoen uit, zodat zes gemeenten daarboven blijven. Alle cijfers komen uit de gemeentelijke bevolkingsstatistiek van het statistiekbureau INE. Hoe deze steden zich verhouden tot de regio's, provincies en kuststreken waarin ze liggen, staat in het overzicht van de Spaanse bestemmingen.
Die getallen gaan over de gemeente, en dat is iets anders dan het bebouwde gebied dat een bezoeker als de stad ziet. De regio Madrid, die uit één provincie bestaat, telde op dezelfde datum 7.137.031 inwoners, ruim twee keer zoveel als de gemeente alleen. Kom je ergens een veel hoger getal voor een Spaanse stad tegen, dan rekent die bron waarschijnlijk de buurgemeenten mee. We houden op deze pagina de gemeentegrens aan, omdat die voor elke stad op dezelfde manier is bepaald en het INE de cijfers ieder jaar op dezelfde peildatum publiceert.
Zaragoza en Sevilla liggen in deze telling 3.668 inwoners uit elkaar, een klein verschil op bijna zevenhonderdduizend. Zaragoza ligt aan de Ebro, ongeveer halverwege Madrid en Barcelona; Sevilla ligt aan de Guadalquivir en is de hoofdstad van Andalusië. Alle zes zijn hoofdstad van de provincie waarnaar ze genoemd zijn, en hun naam slaat daardoor ook op een veel groter gebied dan de stad zelf.
De inwonertallen gelden voor 1 januari 2025 en komen uit de jaarlijkse herziening van het bevolkingsregister door het INE, dat per provincie een eigen tabel publiceert. Bij steden die zo dicht bij elkaar liggen als Zaragoza en Sevilla kan een volgende herziening de onderlinge volgorde veranderen.
| Gemeente | Autonome regio | Inwoners |
|---|---|---|
| Madrid | Comunidad de Madrid | 3.506.730 |
| Barcelona | Catalonië | 1.731.649 |
| Valencia | Comunitat Valenciana | 840.792 |
| Zaragoza | Aragón | 693.091 |
| Sevilla | Andalusië | 689.423 |
| Málaga | Andalusië | 599.063 |
Bron: INE, officiële bevolkingscijfers van de Spaanse gemeenten
Waar de grote steden liggen: hoogvlakte, kust en eilanden
Madrid ligt midden op de Meseta, de hoogvlakte die het grootste deel van het Spaanse binnenland beslaat. Het meetstation van weerdienst AEMET in het Retiropark staat er op 667 meter boven zeeniveau. Op de kaart van Spanje is te zien hoeveel land er tussen de hoofdstad en elke kust zit.
Madrid, Zaragoza en Sevilla zijn de drie van de zes grootste gemeenten die niet aan zee liggen. Barcelona, Valencia en Málaga liggen aan de Middellandse Zee, en Sevilla ligt aan de Guadalquivir, de rivier die vanaf daar naar de Atlantische Oceaan stroomt. Welke kuststrook bij welke stad hoort, loopt het overzicht van de Spaanse kusten van noord naar zuid langs.
Langs de noordkust ligt een rij steden met een heel ander karakter: Bilbao en San Sebastián in Baskenland, Santander in Cantabrië, Gijón en Oviedo in Asturië, en A Coruña en Vigo in Galicië. Santiago de Compostela ligt daar een stuk landinwaarts tussenin. De meeste van deze steden liggen aan de Atlantische Oceaan en hebben een ander klimaat dan de steden in het zuiden; de cijfers voor Bilbao verderop op deze pagina laten dat zien.
In het binnenland liggen de kleinere historische steden verspreid over Castilië. Toledo ligt ten zuiden van Madrid, Segovia en Ávila ten noordwesten ervan, Cuenca naar het oosten, en Salamanca, Burgos en León verder weg. Mérida en Cáceres liggen westelijker, in Extremadura, en Úbeda en Baeza in de provincie Jaén in het oosten van Andalusië.
Op de eilanden zijn de grootste steden tegelijk hoofdstad. Palma is de hoofdstad van de Balearen, Las Palmas de Gran Canaria en Santa Cruz de Tenerife zijn samen de twee hoofdsteden van de Canarische Eilanden, en Ibiza-stad is de hoofdplaats van zijn eiland. De vergelijking van de Spaanse eilanden zet beide eilandengroepen naast elkaar.
Vijftien steden met een historisch centrum op de werelderfgoedlijst
Spanje heeft vijftig inschrijvingen op de werelderfgoedlijst van UNESCO: 44 culturele, vier natuurlijke en twee die natuur en cultuur combineren. Bij een deel daarvan gaat de inschrijving niet over één gebouw maar over een heel stadscentrum, soms met de stadsmuur erbij.
Vijftien steden met zo'n inschrijving werken sinds 1993 samen in de Grupo de Ciudades Patrimonio de la Humanidad de España, een samenwerkingsverband dat het historische en culturele erfgoed van die steden gezamenlijk behartigt. De groep is geen onderdeel van UNESCO: UNESCO schrijft de plaatsen in op de lijst, en de steden hebben zich daarnaast zelf georganiseerd.
Geen van de zes grootste gemeenten hoort bij die vijftien. Het zijn kleinere en middelgrote plaatsen waar de inschrijving de hele oude stad omvat in plaats van één monument. Bij twee ervan gaat het om Romeinse resten in plaats van een middeleeuwse kern: Mérida en Tarragona staan op de lijst als archeologisch ensemble. Ibiza valt om een andere reden op, want die inschrijving draagt bij UNESCO de naam biodiversiteit en cultuur en gaat dus niet alleen over bebouwing.
De jaartallen lopen bijna twintig jaar uiteen. Córdoba was in 1984 de eerste van de vijftien en zag het beschermde centrum in 1994 uitgebreid. Úbeda en Baeza kwamen in 2003 als laatste binnen, in één gezamenlijke inschrijving voor twee naburige steden in de provincie Jaén.
| Stad | Wat er is ingeschreven | Jaar |
|---|---|---|
| Alcalá de Henares | De universiteit en de historische kern eromheen | 1998 |
| Ávila | De oude stad en de kerken buiten de muren | 1985 |
| Baeza | Renaissance-ensemble, samen met Úbeda | 2003 |
| Cáceres | De oude stad | 1986 |
| Córdoba | Het historische centrum | 1984, uitgebreid in 1994 |
| Cuenca | De ommuurde historische stad | 1996 |
| Ibiza | Biodiversiteit en cultuur | 1999 |
| Mérida | Het archeologische ensemble | 1993 |
| Salamanca | De oude stad | 1988 |
| San Cristóbal de La Laguna | De stad zelf | 1999 |
| Santiago de Compostela | De oude stad | 1985 |
| Segovia | De oude stad en het aquaduct | 1985 |
| Tarragona | Het archeologische ensemble van Tárraco | 2000 |
| Toledo | De historische stad | 1986 |
| Úbeda | Renaissance-ensemble, samen met Baeza | 2003 |
Bron: UNESCO, werelderfgoedlijst voor Spanje
Romeins, Moors en christelijk: welke laag je waar terugziet
Welke periode je in een Spaans stadscentrum terugziet, verschilt per stad. De oudste laag die nog in het straatbeeld staat, is Romeins. In Mérida beheert het Consorcio de la Ciudad Monumental het theater, het amfitheater en het circus, die alle binnen de stad liggen. Tarragona staat op de werelderfgoedlijst als het archeologische ensemble van Tárraco, en in Segovia loopt het Romeinse aquaduct dwars door het centrum; UNESCO noemt dat aquaduct in de naam van de inschrijving.
In het zuiden staat de laag uit de eeuwen van Al-Andalus nog overeind. Het kathedraalkapittel van Córdoba beheert de Mezquita naar eigen opgave sinds 1236, en het gebouw doet sindsdien dienst als kathedraal. Het Alhambra in Granada komt uit de tijd van de Nasridische dynastie, en de Giralda in Sevilla is oorspronkelijk een minaret in Almohadische stijl die bij de kathedraal hoort.
In het noorden en het midden van het land bepaalt de christelijke middeleeuwse stad het beeld. Toledo staat als historische stad op de lijst, Ávila met zijn stadsmuur en de kerken daarbuiten, en Cuenca als ommuurde stad. Santiago de Compostela is het eindpunt van de pelgrimsroutes die samen de Camino heten, en ook daar is de hele oude stad ingeschreven.
Daarna komt de laag van universiteiten en renaissance. Salamanca kreeg al in de dertiende eeuw een universiteit, en bij Alcalá de Henares noemt UNESCO de universiteit en de historische kern eromheen in één adem. Úbeda en Baeza zijn samen opgenomen om hun renaissancearchitectuur, die in beide stadjes in dezelfde periode is neergezet.
De jongste laag is die van de moderne architectuur. In Bilbao staat het Guggenheimmuseum van Frank Gehry, met 24.000 vierkante meter vloeroppervlak, waarvan 9.000 vierkante meter tentoonstellingsruimte.
Warmte en regen in Sevilla, Madrid en Bilbao
Het seizoen waarin een stedenbezoek prettig is, verschilt in Spanje sterk per stad. De weerdienst AEMET publiceert per meetstation de gemiddelden over 1981 tot 2010. Bij het station Sevilla Aeropuerto komt de gemiddelde maximumtemperatuur in juli uit op 36,0 °C; bij Bilbao Aeropuerto is dat in dezelfde maand 25,4 °C. Madrid ligt daartussen met 32,1 °C bij het station in het Retiropark, dat op 667 meter hoogte staat.
Bij de neerslag zijn de verschillen minstens zo groot. Bij Sevilla valt per jaar gemiddeld 539 millimeter, waarvan 2 millimeter in juli. Bij Bilbao is dat 1.134 millimeter, verdeeld over gemiddeld 124 dagen per jaar waarop minstens 1 millimeter neerslag werd gemeten. Bij Bilbao ligt het laagste maandgemiddelde op 50 millimeter, in juli, terwijl het bij Sevilla in dezelfde maand gemiddeld 2 millimeter regent.
In Sevilla ligt de gemiddelde maximumtemperatuur in juli op 36,0 °C en in augustus op 35,5 °C. Wie de stad in die maanden bezoekt, kan de heetste uren van de dag het best voor een museum, een lange lunch of de kathedraal gebruiken. In april is de gemiddelde maximumtemperatuur 23,4 °C en in november 20,2 °C, zodat je dan ook overdag rustig door de stad kunt lopen.
De drie reeksen komen van stations met een verschillende opstelling: Sevilla en Bilbao meten bij de luchthaven buiten de stad, Madrid in een park midden in het centrum. Het gaat om maandgemiddelden over dertig jaar, geen verwachting voor een losse reisdag.
| Meetstation | Hoogte | Gemiddelde maximumtemperatuur in juli | Gemiddelde temperatuur over het jaar | Neerslag per jaar |
|---|---|---|---|---|
| Sevilla Aeropuerto | 34 m | 36,0 °C | 19,2 °C | 539 mm |
| Madrid, Retiro | 667 m | 32,1 °C | 15,0 °C | 421 mm |
| Bilbao Aeropuerto | 42 m | 25,4 °C | 14,7 °C | 1.134 mm |
Bron: AEMET, klimatologische normaalwaarden per meetstation
Valencia, Murcia en Sevilla: stad, provincie of regio?
Een Spaanse plaatsnaam kan op drie dingen tegelijk slaan. In de officiële codelijst van het INE bestaat Spanje uit zeventien autonome gemeenschappen, twee autonome steden en vijftig provincies, en de meeste provincies dragen de naam van hun hoofdstad.
Bij Murcia vallen de drie niveaus samen. Er is een stad Murcia, een provincie Murcia en een regio die Región de Murcia heet en uit die ene provincie bestaat. Zeven regio's bestaan uit één provincie: Asturië, de Balearen, Cantabrië, Madrid, Murcia, Navarra en La Rioja. In die zeven gevallen dekken provincie en regio precies hetzelfde gebied.
Bij Valencia loopt het anders. De stad heet Valencia, de provincie staat bij het INE officieel als Valencia/València genoteerd, en de regio heet Comunitat Valenciana. Een aanbieding voor Valencia kan daardoor over de stad gaan of over een provincie met een lange kustlijn. Sevilla is stad en provincie tegelijk, maar de regio eromheen heet Andalusië, en Barcelona is stad en provincie binnen de regio Catalonië.
Bij het plannen van een reis is de vraag telkens welk niveau wordt bedoeld. Veel reiscijfers gaan over regio's, terwijl een hotelboeking op een gemeente slaat. De kaart van Spanje toont hoe gemeenschappen, provincies en autonome steden over het land liggen, en de pagina over Spanje begint bij het land als geheel.
Een stad combineren met kust, eiland of nationaal park
Twaalf van de vijftien werelderfgoedsteden liggen landinwaarts. De andere drie liggen aan zee of op een eiland: Tarragona aan de Middellandse Zee, Ibiza-stad op een eiland in diezelfde zee en San Cristóbal de La Laguna op Tenerife. De twaalf landinwaartse steden bereik je vanaf de kust met een rit het binnenland in, en dat maakt ze eerder geschikt voor een rondreis dan voor een dag weg van het strand.
Op de eilanden ligt dat anders, want Palma, Ibiza-stad, Las Palmas de Gran Canaria en Santa Cruz de Tenerife liggen alle vier aan zee. De Balearen en de Canarische Eilanden hebben elk een eigen overzicht met de eilanden en hun hoofdplaatsen.
Een derde combinatie is stad en natuur. Granada ligt onder de Sierra Nevada, Santa Cruz de Tenerife op het eiland met de Teide, en Oviedo en Gijón liggen in Asturië, waar een deel van de Picos de Europa ligt. Welke gebieden de status van nationaal park hebben, staat in het overzicht van de nationale parken in Spanje.