Naar de inhoud
Cultuur · Geschiedenis

De autonome gemeenschappen van Spanje

Spanje bestaat uit 17 autonome gemeenschappen en twee autonome steden, Ceuta en Melilla. Elke gemeenschap heeft eigen instellingen en een statuut, een organieke wet die haar bevoegdheden vastlegt. De grondwet van 1978 maakte die indeling mogelijk zonder de kaart te tekenen: gebieden moesten zelf het initiatief nemen, en de statuten kwamen tussen 1979 en 1983 een voor een tot stand.

Gepubliceerd op 5 oktober 2026Leestijd ongeveer 5 minuten
Oud regeringspaleis van honingkleurige steen met een lang balkon, aan een leeg plein met sinaasappelbomen.
Op deze pagina
Aantal
17 gemeenschappen, plus de autonome steden Ceuta en Melilla
Grondslag
Grondwet van 1978, titel VIII
Statuten
Goedgekeurd tussen 1979 en 1983

Een regionaal bestuur met een eigen statuut

Een autonome gemeenschap (comunidad autónoma) is een regio met eigen instellingen en eigen bevoegdheden binnen de Spaanse staat. Artikel 137 van de grondwet noemt haar naast de gemeenten en provincies als onderdeel van de territoriale indeling van het land. Spanje telt er 17, aangevuld met Ceuta en Melilla, die als ciudades autónomas sinds 1995 een eigen statuut hebben.

De indeling is een van de grote ingrepen uit de recente Spaanse geschiedenis: sinds de overgang naar de democratie hebben de regio's eigen parlementen, regeringen en wetgevende bevoegdheden. De basis van elke gemeenschap is haar statuut (estatuto de autonomía). Volgens artikel 147 is dat de institutionele basisnorm van de gemeenschap, met onder meer de naam die het best bij haar historische identiteit past.

De Cortes Generales, het Spaanse parlement, stellen elk statuut vast bij organieke wet. Een gemeenschap kan haar bevoegdheden dus niet eigenhandig vergroten, en een federatie van gemeenschappen is volgens artikel 145 uitgesloten.

Een grondwet die de kaart openliet

In de jaren na de dood van Francisco Franco schreef de grondwet van 1978 twee dingen tegelijk op. Artikel 2 erkent de onlosmakelijke eenheid van de Spaanse natie en ook het recht op autonomie van de nationaliteiten en regio's waaruit zij bestaat. Welke gemeenschappen er moesten komen, stond er niet bij.

Artikel 143 noemt wel drie soorten gebieden die zich als gemeenschap mochten constitueren: aangrenzende provincies met gemeenschappelijke kenmerken, eilandgebieden en provincies met een historische regionale identiteit. Het initiatief lag bij de provinciale besturen en bij twee derde van de gemeenten, die samen de meerderheid van de kiezers van de provincie moesten vertegenwoordigen. Dat moest binnen zes maanden na het eerste besluit gebeuren; een mislukt initiatief kon pas na vijf jaar opnieuw worden genomen.

Twee routes naar zelfbestuur

De gewone route van artikel 143 begon met een beperkte lijst bevoegdheden, die artikel 148 opsomt: onder meer ruimtelijke ordening, stedenbouw en volkshuisvesting, landbouw en veeteelt, en spoorwegen en wegen die helemaal binnen het eigen gebied liggen. Na vijf jaar konden gemeenschappen via een wijziging van hun statuut meer bevoegdheden overnemen. Artikel 151 beschreef een snellere route. Daarvoor moest driekwart van de gemeenten in elke betrokken provincie het initiatief steunen en moest in een referendum in elke provincie meer dan de helft van alle kiesgerechtigden voorstemmen. Die gemeenschappen hoefden niet vijf jaar te wachten, en hun statuut werd opgesteld door een vergadering van de gekozen parlementariërs uit het gebied.

Een overgangsbepaling opende voor sommige gebieden een kortere weg. Territoria die in het verleden per volksstemming een statuutontwerp hadden goedgekeurd en inmiddels een voorlopig zelfbestuur hadden, mochten onmiddellijk beginnen, met een statuut dat volgens de procedure van artikel 151 werd opgesteld. Die volksstemmingen waren gehouden in de jaren dertig, het decennium van de Spaanse Burgeroorlog.

Andalusië hield op 28 februari 1980 een referendum over autonomie op het hoogste niveau, de weg die artikel 151 openstelde. In de preambule van zijn statuut uit 2007 noemt de gemeenschap zich de enige waarvan de toegang tot autonomie specifiek aan de stembus is vastgelegd. Navarra volgde een eigen lijn: de grondwet erkent in haar eerste aanvullende bepaling de historische rechten van de foralgebieden, en het Navarrese statuut heet officieel een wet tot herstel en verbetering van het foral regime. Navarra was in de tijd van de Reconquista een eigen christelijk koninkrijk, in hetzelfde tijdperk als het islamitische Al-Andalus in het zuiden.

Zeventien statuten tussen 1979 en 1983

Het Baskische en het Catalaanse statuut kregen op dezelfde dag hun organieke wet, in 1979. De overige vijftien volgden tussen 1981 en 1983. Sindsdien zijn de teksten herzien, het Catalaanse in 2006 en het Andalusische in 2007.

De statuten van de 17 autonome gemeenschappen bij hun eerste goedkeuring
Gemeenschap Organieke wet Datum
Baskenland Ley Orgánica 3/1979 18 december 1979
Catalonië Ley Orgánica 4/1979 18 december 1979
Galicië Ley Orgánica 1/1981 6 april 1981
Andalusië Ley Orgánica 6/1981 30 december 1981
Asturië Ley Orgánica 7/1981 30 december 1981
Cantabrië Ley Orgánica 8/1981 30 december 1981
La Rioja Ley Orgánica 3/1982 9 juni 1982
Murcia Ley Orgánica 4/1982 9 juni 1982
Valencia Ley Orgánica 5/1982 1 juli 1982
Aragón Ley Orgánica 8/1982 10 augustus 1982
Castilië-La Mancha Ley Orgánica 9/1982 10 augustus 1982
Canarische Eilanden Ley Orgánica 10/1982 10 augustus 1982
Navarra Ley Orgánica 13/1982 10 augustus 1982
Extremadura Ley Orgánica 1/1983 25 februari 1983
Balearen Ley Orgánica 2/1983 25 februari 1983
Madrid Ley Orgánica 3/1983 25 februari 1983
Castilië en León Ley Orgánica 4/1983 25 februari 1983

Bevoegdheden en grenzen

De grondwet verdeelt de bevoegdheden in twee stappen. Artikel 149 somt op wat de staat exclusief regelt, zoals nationaliteit en immigratie, en geeft de staat de taak de basisvoorwaarden vast te leggen die voor alle Spanjaarden gelijk moeten zijn. Wat de grondwet niet aan de staat toewijst, kan een gemeenschap in haar statuut overnemen. Wat het statuut niet overneemt, blijft bij de staat, en bij een conflict gaat het staatsrecht voor, behalve waar de gemeenschap exclusief bevoegd is.

Voor een gemeenschap die haar verplichtingen niet nakomt, voorziet artikel 155 in een middel van de staat. De regering kan na een verzoek aan de president van de gemeenschap en met goedkeuring van de volstrekte meerderheid van de Senaat maatregelen nemen om naleving af te dwingen. Op 27 oktober 2017 keurde de Senaat zo'n pakket maatregelen goed voor Catalonië. Daarbij ging de bevoegdheid om het Catalaanse parlement te ontbinden en verkiezingen uit te schrijven over naar de Spaanse regeringsvoorzitter.

Ook de rechter bewaakt de grens. Het Constitutioneel Hof oordeelde op 28 juni 2010 over de herziening van het Catalaanse statuut uit 2006. Het verklaarde enkele bepalingen ongrondwettig en nietig, liet andere alleen toe in een bepaalde uitleg en oordeelde dat de verwijzingen in de preambule naar Catalonië als natie geen juridische interpretatieve werking hebben.

Veelgestelde vragen

Wie moet instemmen met een wijziging van een statuut?

Een wijziging van een statuut vraagt altijd instemming van de Cortes Generales bij organieke wet. Volgens de oorspronkelijke teksten moest daaraan een besluit van het regionale parlement voorafgaan: in Catalonië en Galicië met een meerderheid van twee derde, in het Baskenland met een volstrekte meerderheid en in Andalusië met drie vijfde. Daarna volgde in al deze gevallen een referendum onder de kiezers.

Welke talen zijn officieel in de autonome gemeenschappen?

Het Castiliaans is de officiële taal van de hele staat. Volgens artikel 3 van de grondwet zijn de andere Spaanse talen daarnaast officieel in de gemeenschappen waar hun statuut dat bepaalt. Het Catalaanse statuut noemt het Catalaans de eigen taal van Catalonië, het Baskische statuut het euskera van het Baskenland en het Galicische statuut het Galicisch (galego) van Galicië.

Bronnen

Verder lezen

Verwante onderwerpen

Cultuur · Geschiedenis

Al-Andalus

Het deel van Spanje dat tussen 711 en 1492 onder moslimbestuur stond, en wat ervan is overgebleven.

Cultuur · Geschiedenis

De Moren in Spanje

De verzamelnaam voor de moslims van middeleeuws Spanje: wie zij waren, wat er met hen gebeurde en wat bleef.

Cultuur · Geschiedenis

De Reconquista

De christelijke verovering van Al-Andalus tussen 722 en 1492, en de herkomst van het woord Reconquista.

Cultuur · Geschiedenis

Spaanse geschiedenis

Van de eerste bewoners van Atapuerca tot de grondwet van 1978: de hoofdlijn van de Spaanse geschiedenis in negen perioden.